|

Van harte welkom.
Tegenwoordig zeggen wij gemakkelijk: de wereld is ons dorp. Inderdaad, dankzij de luchtvaart kunnen wij nu binnen 24 uren in alle uithoeken van de wereld geraken en dankzij radio, tv en internet kunnen wij van uur tot uur meeleven met wat er overal in de wereld gebeurt.
Zo zouden wij, christenen, ook kunnen zeggen: de wereldkerk is ons dorp. Wij hebben zelfs niet gewacht op de uitvinding van het vliegtuig om, via onze missionarissen, mee te leven met al onze broeders en zusters over de hele wereld. Maar voor ons, christenen, blijft de parochie ons “dorp”.
In de parochie
- treden wij toe tot de kerk door het doopsel,
- ontmoeten wij God en elkaar elke zondag in de eucharistieviering,
- delen wij samen het brood van de Heer,
- worden wij gevormd door de Heilige Geest,
- beloven man en vrouw elkaar eeuwige trouw in het sacrament van het huwelijk,
- vragen wij aan God om verzoening in de biecht,
- nemen wij afscheid van onze doden in het hoopvolle geloof op de verrijzenis.
In de parochie
- bundelen we ook onze krachten om onze kinderen een christelijke opvoeding aan te bieden via scholen, jeugdbewegingen en catechese,
- om de christelijke boodschap uit te dragen naar de maatschappij via onze verenigingen
- en om de naastenliefde te beoefenen in ziekenzorg en dienstbetoon.
Daarom is de parochiegemeenschap zo belangrijk voor ons, christenen.
Er was reeds van vóór de Eerste Wereldoorlog sprake van de nood aan een nieuwe parochie “over de Dender” te Aalst, met o.a. de Hertshage, de Bredestraat en de Ouden Dendermondsesteenweg als gebied. Dat gebied op de rechteroever van de Dender omvatte een arbeiderswijk en een aantal boerderijen, die wat afgelegen lagen van de O.-L.-Vrouwkerk van Mijlbeek, van de dekenale Sint-Martinuskerk en van de Sint-Jozefskerk.
De oorlog van 1914-1918 trad als een spelbreker op om die nieuwe parochie te stichten, maar de toenmalige deken van Aalst, Kanunnik Roelandts, beloofde toen een kapel ter ere van het Heilig Hart te bouwen, indien Aalst van vernieling gespaard zou blijven.
Na de oorlog achtte de bisschoppelijke overheid de tijd gekomen om op de rechteroever van de Dender, over de Zwarte-Hoekbrug, de nieuwe parochie op te richten, die toegewijd zou worden aan het Heilig Hart van Jezus. Bij koninklijk besluit van 8 december 1925 werd de parochie erkend.
Op 10 maart 1926 werd E.H. Renatus Kockuyt als pastoor benoemd. Hij fungeerde voorlopig “zonder kerk” vanuit de dekenale kerk van Sint-Martinus.
Oorspronkelijk strekte de parochie zich uit over een grondgebied dat ten noorden werd begrensd door de huidige deelgemeente Herdersem, ten oosten door de Waelestraat, de Botermelkstraat en de Binnenstraat, ten zuiden door de Moorselbaan en ten westen door de Dender.
Op 24 juni 1986, bij de oprichting van de Sint-Paulusparochie, werd het grondgebied iets verkleind: enkele straten van onze parochie werden gevoegd bij een aantal van de Onze O.-L.-Vrouw-Bijstandparochie en vormden zo de Sint-Paulusparochie, nl. het Bosveld met heel de nieuwe wijk van sociale woningen ‘Horebekeveld’ en de Dompelstraat.
Op dit ogenblik telt de Heilig Hartparochie ± 6.000 inwoners.
De Heilig-Hartparochie wordt thans middendoor gesneden door de Aalsterse Ring. De kerk staat juist vóór het kruispunt tussen de Ring (Heilig-Hartlaan) en de Bredestraat.
Tussen de Zwarte-Hoekbrug en de gemeente Herdersem strekt zich langs de Dender een belangrijke industriezone ‘Wijngaardveld’ uit.
Dichtbij de kerk bevindt zich het voetbalstadion Pierre Cornelis, van voetbalclub Eendracht-Aalst.
De parochie omvat ook twee sociale wijken: Park De Blieck en Sint-Elisabethwijk (site Oud Hospitaal).

Burgemeester Felix De Hert deed destijds afstand van een perceel grond voor de nieuwe kerk langs de Oude Dendermondsesteenweg (thans Dokter De Moorstraat, op deze grond staat nu de H. Hartkring). De kerkfabriekraad, die voorgezeten werd door Kamiel Podevijn, achtte die ligging te weinig centraal en ook te veel ingesloten. Daarom gaf hij de voorkeur aan een grond die geschonken werd door de heer Cyriel Coen en door Senator De Blieck, waar nu de kerk staat.
De kerkfabriekraad duidde architect Arthur Van Overstraeten aan als ontwerper van het op te richten kerkgebouw en eind november 1927 belastte hij de firma Van Pottelberghe, uit Erembodegem-Terjoden, met de ruwbouw.
Op 17 juni 1928 legde Bisschop Honoré Coppieters, oud-deken van Aalst, de eerste steen en op 10 augustus 1929 werd de kerk opengesteld voor de eredienst. Op 8 juli 1930 volgde de plechtige inwijding van de kerk door deze Bisschop.
Op 19 juli 1935 werd de parochie plechtig toegewijd aan het Heilig Hart.
De kerk is gebouwd in neo-romaanse stijl op een perceel van 20a 10ca. Het kerkgebouw zelf is 56 m lang tussen hoofdkoor en voorportaal, de kruisbeuk is 22 m breed. De gewelven zijn 22 m hoog. Het opgaande metselwerk van de toren is 40 m hoog, de torenspits meet 15 m. Rond de noord-, oost- en zuidzijden van de kerk werd een grasperk aangelegd.
Dankzij de hoge glasramen en de brede rozetten vóór en achteraan in de kerk een ruimte van licht en rust, die uitnodigt tot gebed en bezinning, tussen het golvende geraas van het verkeer op de Heilig-Hartlaan. De rozet boven het hoogkoor stelt het Heilig Hart van Jezus voor. De acht kleine rozetten daaromheen beelden cherubijnen af. Onder de rozet staan vier glasramen met de voorstelling van O.-L.-Vrouw, de Heilige Jozef, de Goede Herder en Johannes de Doper.
De kruisweg, met geschilderde panelen, werd op 23 februari 1930 ingewijd. Een beeld van de “Moeder van smarten”, naar de Piëta van Michel-Angelo, sluit de kruisweg af.
Op 10 november 1935 wijdde E.H. Deken Reynaert het orgel in.
Achteraan de kerk, in de zijbeuk vóór de doopkapel, sloot de kerkfabriek in 1985 met glazen wanden een ruimte af die zij inrichtte als weekkapel.
Onder de toren, boven de kelder van de centrale verwarming, werd de rouwkapel ingericht.
De Congregatie van de Gasthuiszusters-Augustinessen van Aalst heeft in 1996 aan de kerkfabriek twee schilderijen in bruikleen afgestaan, die in de kruisbeuk boven de zijaltaren werden aangebracht: een schilderij “De geboorte van Christus”, van J.D. Landtsheer (1750-1826) en een drieluik met taferelen uit het leven van de Heilige Johannes de Doper, van Frans Pourbus de Jongere (1569-1622).
In de zijbeuk hangt een kopie van het schilderij van Antoon Van Dijck, “Christus aan het kruis”, die gemaakt en geschonken werd door een parochiaan, de heer Marcel Corthals, naast twee kleinere schilderijen van “Jezus aan de geselkolom” en een klein schilderij van de verheerlijking van Maria.
Tegen de zuilen van de middenbeuk en boven de zijaltaren staan ook verscheidene heiligenbeelden opgesteld van Onze-Lieve-Vrouw, de H. Goedele, het Heilig Hart, de H. Antonius van Padua, de H. Elisabeth, de H. Clara, de H. Theresia van het Kindje Jezus en de H. Jozef. Die traditionele, oorspronkelijk polychrome beelden, werden in de jaren ’80 in het wit geverfd en met een laag “patina” bedekt door Dirk Roelandt, waardoor zij een mooi marmerachtig uitzicht kregen. |

 |
Op 8 september 1929 wijdde E.H. Deken Reynaert de drie klokken van de Heilig Hartkerk. Ze waren gegoten door Felix Van Aerschodt uit Leuven en kregen de naam van hun dooppeter of - meter: de eerste klok (650 kg) werd genaamd naar de E.H. Renatus Kockuyt, eerste pastoor van de Heilig Hartparochie, de tweede klok (990 kg) naar Mevrouw Maria De Smeth, weduwe van de heer Gustave Bosteels, de derde klok (1.360 kg) naar de E.H. Clemens Borreman, pastoor van het Sint-Elisabethgasthuis.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog, op 2 juli 1942, feest van het Heilig Hart, haalde de Duitse bezetter de grootste twee klokken weg. Op 2 augustus 1953 werden die klokken vervangen door twee nieuwe, resp. van 986 kg en van 1.460 kg, die gegoten werden bij de firma Michiels in Doornik. Toen was E.H. Cyriel Rombaut pastoor. |
De kerkfabriek bouwde eveneens ten zuiden van de kerk, rechtover het zijportaal, een ruime pastorie voor de pastoor en de medepastoors, in dezelfde steen als het kerkgebouw. Pastoor Kockuyt nam er zijn intrek in 1930.

| Onze pastoors en medepastoors |
|
De hiernavolgende priesters stonden sindsdien in voor de Heilig-Hartparochie:
 |
René Kockuyt, pastoor van 10 maart 1926 tot 16 maart 1939; |
 |
Ghislain De Cremer, medepastoor van 30 juni 1928 tot 21 oktober 1932; |
André Van Habost, coadjutor van René Kockuyt tijdens zijn ziekte van 1 september 1931 tot 20 december 1931;
Aimé Bohijn, leraar aan het Sint-Maarteninstituut, zondagsmedepastoor tot 22 september 1935;
Maurice Meyfroot, medepastoor van oktober 1932 tot 26 december 1932;
Jozef De Clerck, medepastoor van december 1932 tot september 1943;
Aloys Vermeiren, medepastoor van september 1935 tot 15 april 1937;
Jozef Bressers, medepastoor van 24 april 1937 tot 18 augustus 1941;
 |
A. De Vuyst, pastoor van 16 april 1939 tot 9 mei 1950; |
A. Verbraeken, directeur van het Sint-Maarteninstituut, medepastoor van 1 september 1939 tot ...
Ghisleen De Witte, medepastoor van 25 augustus 1941 tot 5 november 1951;
Frans Maes, medepastoor van november 1943 tot 25 augustus 1951;
Cyriel Rombaut, pastoor van 25 mei 1950 tot 6 oktober 1954;
 |
André Van de Moortele, medepastoor van 11 september 1951 tot 30 april 1959; |
Robert Tevenie, medepastoor van november 1951 tot 1 april 1961;
 |
De Craene, pastoor van 12 oktober 1954 tot 6 juli 1965; |
Urbain Heyse, medepastoor van 14 mei 1959 tot 9 augustus 1962;
Robert Cieters, medepastoor van 9 januari 1961 tot 1976;
Leopold Verstraeten, medepastoor van 5 september 1962 tot 10 mei 1971;
Marcel De Cubber, pastoor van 26 september 1965 tot 20 december 1978;
Frans Straetmans, leraar aan het Sint-Maarteninstituut, zondagsmedepastoor van 1963 tot 1966
R. Van den Driessche, leraar aan het Sint-Maarteninstituut, zondagsmedepastoor in 1966;
Berlengee, leraar aan het Sint-Maarteninstituut, zondagsmedepastoor van 1966 tot 1 september 1967;
Roger De Coster, leraar aan het Sint-Maarteninstituut, zondagsmedepastoor van december 1967 tot 6 juli 1975;
Wilfried Van Wilder, medepastoor in juli 1970;
Jaak Pauwels, medepastoor van 29 augustus 1970 tot 19 augustus 1975;
Gustaaf Vandervreken, van 6 juli 1975 tot 31 augustus 1975;
Lucien Van Poeck, medepastoor van 31 augustus 1975 tot 14 juli 1980;
Gerard De Baets, dienstdoend pastoor van 31 augustus 1976 tot 20 december 1978;
Richard Haers, pastoor van 1 april 1979 tot 20 september 1986;
 |
Jacques Lievens, medepastoor van 14 juli 1980 tot 8 september 1993; |
 |
Maurice Schoorens, pastoor van 20 september 1986 tot 1 maart 1996; |
Julien Van Malderen, directeur van het Sint-Maarteninstituut, zondagsmedepastoor van 6 juli 1975 tot 29 augustus 1992;
Michaël Ghijs, leraar aan het Sint-Maarteninstituut, zondagsmedepastoor van 23 oktober 1993 tot 21 februari 2008.
Walter van Remortel, parochiebeheerder van 1 maart 1996 tot 15 mei 1996.
 |
Michael Meersschaert, pastoor van de Heilig-Hartparochie vanaf 15 mei 1996 tot 5 juli 2009 en tevens pastoor van de Sint-Paulusparochie vanaf 24 juni 1986. |
Yves Desmet, medepastoor vanaf 1 juni 1996 tot 31 december 2001.
| De VZW Parochiale Werken van het Heilig Hart |
|
Op 12 september 1927 stichtten de E.H. Pastoor-Deken Coppens, E.H. Pastoor R. Kockuyt, krijgsaalmoezenier Maurits Van den Brempt, E.H. Clemens Borreman, pastoor van het Stedelijk Hospitaal, en de heren Edward Bouckaert, bestuurder van de N.V. “Le Lion d’Or”, en Theofiel Willems, griffiebediende bij de rechtbank van Koophandel, de Vereniging zonder winstoogmerken “Parochiale Werken van het Heilig-Hart te Aalst”, met het doel: “het stichten, uitbreiden en ondersteunen van alle instellingen of ondernemingen, strekkende tot bevordering der lichamelijke, zedelijke, godsdienstige en sociale belangen van de bevolking der parochie van het Heilig Hart te Aalst, hetzij rechtstreeks, hetzij onrechtstreeks, bijvoorbeeld door het ter beschikking stellen van kapellen, lokalen, hovingen en huizen bestemd tot scholen, patronagiën, werkmanskringen en welkdanige christene sociale inrichtingen met huisvestingen voor de deurbewaarders, bestuurders der werken en onderwijzend personeel”.
De VZW bouwde de Parochiale Kring Heilig-Hart op een stuk grond, in de Dr. De Moorstraat (vroeger de Ouden Dendermondsesteenweg), dat destijds geschonken werd door Burgemeester Felix De Hert. De Heilig Hartkring zou het ontmoetingscentrum worden van de parochianen en van de parochiale verenigingen. Hij werd in maart 1938 ingezegend door de deken van Aalst. Hij werd beschadigd tijdens de Tweede Wereldoorlog.
De feestzaal van de Kring werd oorspronkelijk verhuurd aan een uitbater van een bioscoopzaal, onder de naam 'Patria'. Dat huurcontract werd in 1960 opgezegd.
In 1962 werd een bowlingzaal gebouwd in wat nu de “familiezaal” wordt genoemd. De bowling werd in 1967 gesloten.
De Kring omvat thans een ruime feestzaal met podium voor toneelopvoeringen, twee grote en drie kleinere vergaderzalen, een keuken, sanitaire installaties, en, achteraan, lokalen voor de jeugdbeweging en een werkplaats voor de D.A.C.'ers van het D.A.C.-project van het Dekenaat Aalst.

Een deel van de vergaderzalen werd in 1968 omgevormd tot “De Weeg”, dit is een afdeling van de K.A.V. voor kinderraadpleging, waar de moeders wekelijks hun kleine kinderen konden laten onderzoeken door een arts. Bij de herschikking van de werken voor kinderraadpleging door Kind en Gezin, in de jaren 90, werd deze afdeling opgeheven.
Dienst Gezondheidzorg heeft zijn intrek genomen in de vroegere lokalen van Kind en Gezin.
 |
Het wijkgezondheidscentrum 'Daenshuis' biedt gezondheidszorgen aan die tot de eerste lijn behoren. Met 'eerste lijn' bedoelen we de zorgverstrekking waar je eerst naar toe gaat als je een gezondheidsklacht hebt of ziek bent. Hieronder vallen dus niet de consultaties bij een specialist, tandarts of opname in een ziekenhuis.
Dokter De Moorstraat 104 /a (achter H. Hartkring), tel. 053/78.10.16, daenshuis@welzijn.net, website: www.daenshuis.welzijn.net. |
De V.Z.W. bouwde eveneens in 1929 de Sint-Lievenschool in de Drie Sleutelsstraat, en, in 1965, met de financiële steun van de Zusters van Sint-Kruis-Winkel, een basisschool op Park De Blieck, die in 1969, door het Sint-Maarteninstituut werden overgenomen.
De Sint-Lievenschool werd enkele jaren later, ingevolge de vergrijzing van de bevolking, bij gebrek aan leerlingen gesloten. Een deel van de gebouwen werd daarna gebruikt als jeugdlokalen voor de Chiro en als catecheselokalen. Het complex werd overgedragen aan een V.Z.W. van het bisdom.
De kleuterschool van Park De Blieck werd als vestigingsplaats behouden en vormt op dit ogenblik met de vroegere kleuterscholen van de Sint-Jozefstraat, de Gentsesteenweg en de Langestraat een autonome kleuterschool. De gebouwen werden eveneens overgedragen aan een V.Z.W. van het bisdom.
De Zusters Franciscanessen van het Crombeen te Gent hadden reeds vóór de Eerste Wereldoorlog in de Sint-Gudulastraat een basisschool opgericht, die, het eerste jaar, niet minder dan 270 leerlingen telde (in drie klassen?).
In 1911 voegden de Zusters daar een adultenschool aan toe, maar die school moest in 1921, ingevolge de oorlog, worden opgeheven.
De basisschool Sint-Gudula breidde zo sterk uit (in 1933: 14 klassen, met meer dan 550 leerlingen) dat de zusters verplicht waren een bijkomende kleuterschool op te richten in de Geldhofstraat, de huidige Heilig Hartschool. Die school verving de kleuterschool van de Zusters Maricolen van Lede, die voorheen gevestigd was in stadsgebouwen van de Binnenstraat. Thans is die kleuterschool toegevoegd aan de basisschool van het Sint-Maarteninstituut op de Moorselbaan. |

De basisschool Sint-Gudula moest in september 1998 haar deuren sluiten bij gebrek aan leerlingen.
Nu worden enkele lokalen van de school gebruikt voor: Het Boomken, de Voedselbank, de meisjesscouts en en chirogroep, speel-o-theek: waar speelgoed en kinderboekjes uitgeleend worden.

Zowel de kleuterschool van het Park De Blieck als die van de Moorselbaan en Geldhofstraat worden thans bestuurd door de V.Z.W. KOLVA (Katholiek Onderwijs Land van Aalst), die verantwoordelijk is voor de bisschoppelijke onderwijsinstellingen van Aalst.
|