|
Inhoudsopgave
| Homilie 22ste zondag A-jaar anno 2011 |
|
Af en toe hoor je beweren dat alle begin moeilijk is. Misschien zal men dat ook aanstaande donderdag tegen de kinderen zeggen die voor het eerst naar de kleuterklas, het eerste leerjaar, het eerste middelbaar onderwijs trekken. En toch denk ik dat niet zozeer alle begin maar wat er later op volgt moeilijk is. Alle begin is eerder gemakkelijk: verder zetten wat ooit begonnen, lijkt me zo veel moeilijker. Zeggen we ook niet dat dat 'Düren een mooie stad is maar blijven Düren nog veel mooier'? En die wijsheid bevat mijn inziens veel meer waarheid. Je ziet winkels vol enthousiasme hun deuren openen, om na enkele maanden of jaren in stilte uit het straatbeeld te verdwijnen. Je ziet mensen enthousiast aan hun buren voorstellen om ziekenvervoer te doen of kinderen mee te nemen van en naar school, maar na enkele weken willen ze liever van dat engagement af.
En als het toch waar zou zijn dat alle begin moeilijk is, wat dan met het einde? In schoonheid eindigen lijkt me op zijn minst even moeilijk. Kijk maar eens naar een hartverwarmende voorstelling van een toneelstuk of een musical. Meestal is het precies de apotheose die ons nadien het langst bijblijft. Wanneer die compleet de mist ingaat, dreigt de hele voorstelling een onbehaaglijk gevoel na te laten. Zoals een massasprint waarbij verscheidene renners compleet tegen de vlakte gaan de hele wielerwedstrijd overschaduwt en ontsiert! Ja, het is een hele kunst om als mens in schoonheid te eindigen. En voor sommigen is dat helemaal niet evident. Ik zie dat bij collega's pastoors die een hele status hebben opgebouwd, jaar en dag het beste van zichzelf hebben gegeven op een bepaald parochie, heel wat hebben verwezenlijkt, zelfs zo veel dat ze letterlijk van geen ophouden weten en denken dat de parochie zonder hen nooit meer verder kan. Het vele en het mooie waar ze misschien twintig, dertig jaar voor nodig hadden om het op te bouwen, helpen ze dan vaak zelf om zeep om dat ze niet kunnen eindigen. Wat een teken van diep ongeloof! Hetzelfde merk ik wel eens bij geëngageerde christenen waar ik stiekem naar opkijk omdat ze een staat van dienst hebben om 'u' tegen te zeggen. Tot ze worden tegengesproken of eventueel van hoger hand te horen krijgen dat ze beter het toneel verlaten … Dan komt het onevangelische beest in hen tot leven! In hun manier van reageren of naschoppen merk je dan hoe ze uiteindelijk als puntje bij paaltje komt veel meer aan hun eigen naam of voordeel dachten, dan aan het algemeen belang of de toekomst van onze kerk. Het mooi om te zien dat mensen die weten wanneer ze met pensioen gaan toch de laatste dag het beste van zichzelf geven, zonder van de staat te profiteren en zich op de ziekenkas te laten zetten of werkelijk hun laatste maanden op een zeer zacht ritme mee te draaien. En ook wanneer mensen ouder worden en sterven zit het venijn hem vaak in de staart! In de manier waarop sommigen mensen hun lijden dragen, merk je soms een onver-moed geloof en bij anderen merk je dat hun wekelijkse aanwezigheid in de kerk of hun deelname aan de religieuze vieringen eigenlijk nauwelijks invloed heeft gehad op hun godsdienstige persoonlijkheid. Ja, om de ware aard van een mens te leren kennen moet je eigenlijk, voor zover je die al ooit totaal kan doorgronden, wachten tot de film helemaal is afgespeeld, de kleine letters van de eindgeneriek incluis. Zeg dus niet te snel dat je iemand kent!
Ook in Jezus' levensverhaal geldt die algemene wet dat de openbaring pas op het einde op het toneel verschijnt. Na enkele maanden en of jaren de liefde te hebben gepreekt aan elkeen die het ook maar horen wou, komt Jezus in troebel water terecht en Petrus heeft begrepen dat het bootje van zijn meester veel kans maakt om naar de haaien te gaan. Puur menselijk gezien hebben wij alle begrip voor zijn spontane tegenstand, zijn voornemen om zijn meester voor groter onheil te behoeden. Allemaal zouden wij onze kinderen of geliefde vrienden ter orde roepen wanneer we ook maar vermoeden dat ze iets gaan ondernemen waarbij hun eigen leven of toekomst in gevaar komt.
En toch zet Jezus precies dan de kers op de taart! Omdat Hij heel consequent trouw blijft aan Zijn even boodschap en levensroeping zonder bewust en actief de dood op te zoeken. Hij wil overeind blijven in de liefde: iets waar slechts weinig mensen in slagen! Velen draaien liever hun kar wanneer die op de helling komt te staan. Maar op die wijze vagen ze eigenlijk al hun mooie woorden en idealen uit het verleden weg.
Jezus neemt het kruis van de evangelische liefde op zijn schouders, ook nu wanneer het warm wordt onder zijn voeten. Hij blijft de liefde prediken en voorleven, ook wanneer men Hem precies omwille van Zijn manier van liefhebben naar het leven staat. Heel wat anders dan die vrouw uit Anderlecht die me deze week zei dat ze daar weg wou. Enkele jaren terug was ze een paar tanden kwijtgeraakt omdat ze stokken in de wielen gestoken had van een gauwdief op de bus. 'Vroeger was ik geen racist,' zei ze, 'maar nu wel.' Door dit ongewettigd geweld met racisme te beantwoorden en voortaan alle Marokkaanse mensen de rug toe te keren, deed ze precies datgene waar ze de anderen voor veroordeelde. Triest toch!
Op het einde van deze zomervakantie, die - wat het weer betreft - tegenviel, maar waarbij we toch niet het uitzonderlijk mooie voorjaar mogen vergeten, vraagt Jezus ons trouw te blijven aan de liefde, van begin tot einde, aan die bewust gekozen optie voor de liefde, ook wanneer ze ons eigen vel kost. Waar we dan niet doen, en uiteindelijk onze staart intrekken, hebben we in ons leven slechts gedaan alsof. En dat laat altijd een bittere nasmaak na, de indruk 'dat we maar wat geleuterd hebben', dat we holle vaten waren, zonder enige, degelijke inhoud.
Wie Jezus' volgeling wil zijn, moet zijn kruis opnemen: het kruis van de liefde, ook wanneer het doorweegt op de schouders. Waarom? Uit liefde, uit liefde voor die God die liefde is en op wiens liefde wij in leven en dood hopen. Verrijzen uit de dood zal de mens die omwille van zijn liefde voor God én medemens aan Zijn eigen hoogmoed en willetje is gestorven, die zich aan de liefde waarvan God oorsprong en het doel is, aan Gods wil, heeft overgeven. Wie aan zijn eigen leven vasthield, zijn eigen wetten en gevoelens van haat en wraak, zijn wisselende, soms wispelturige gevoelens van sympathie en antipathie, zal hoogstens als een goede mens verder leven in de herinnering van zijn medemensen. Maar meer zal zijn leven ook niet zijn geweest! Het eindigt met een goede of minder goede herinnering, maar meer zal het ook niet zijn geweest! Wie zijn leven verliest,' hoorden we, 'zal het winnen.' Alleen de evangelische liefde is het met andere woorden waard om er zijn leven aan te geven. Al de rest is dwaas en leidt tot niets. Hopelijk hebben nu al die leiders die tijdens de zogenaamde Arabische lente van hun troon werden gehaald - Khaddafi op kop - dit nu uiteindelijk ingezien, tot hun eigen scha en schande. Waar staan ze nu? Waartoe hebben al hun pogingen om mensen en landgenoten onder de knoet te houden van hun geluk te beroven, nu werkelijk naar geleid? Gelukkig de mens die blijft geloven in de hemelse liefde en wiens leven en sterven daarom ook in Gods eeuwige liefde zijn bekroning zal vinden.
E.H. Peter Kiekens
|